22 mei 2012 2 files 2 flitsers
AMD - Automotive Fiscalisten
U bevindt zich hier: Home » Nieuwsarchief 2006 » Wijzigingen doorschuifregeling en vrijstelling buitenlandse ondernemingen
Bookmark and Share

Wijzigingen doorschuifregeling en vrijstelling buitenlandse ondernemingen

Veel regels met betrekking tot de BPM zijn vastgelegd in de Wet op de BPM. Praktische regels voor de uitvoering van die wet zijn opgenomen in het zogenaamde Uitvoeringsbesluit.
Met ingang van 2007 wordt daarin een aantal wijzigingen aangebracht. De meest opvallende wijzigingen zijn als volgt.

1. Doorschuifregeling tussen ondernemers

Nu per 1 januari 2007 de teruggave van BPM voor bestelauto's op naam van ondernemers is vervangen door een vrijstelling, wordt ook de verkoop van een gebruikte bestelauto tussen ondernemers gedurende vijf jaar na de eerste tenaamstelling anders behandeld.
Gedurende 2005 en 2006 was het nodig om een gezamenlijk verzoek om toepassing van de zogenaamde gesloten-beurzenregeling aan fiscus te sturen als een gebruikte bestelauto werd verkocht aan een andere ondernemer (niet zijnde een handelaar/autodealer). Voor inruil bij een autodealer/handel was zo'n verzoek niet nodig en kon een eigen verklaring in de administratie worden opgenomen.
Deze speciale regeling voor de autohandel vervalt per 2007, maar tegelijkertjid wordt dit de normale procedure: Bij verkoop van een gebruikte bestelauto aan een andere ondernemer hoeft geen rest-BPM te worden afgedragen als in de administratie van de verkopende ondernemer een door beide partijen getekende verklaring is opgenomen dat de nieuwe eigenaar aan de vrijstellingsvoorwaarden voldoet en voor deze auto in de plaats treedt van de vorige eigenaar.

2. Ruimere vrijstelling buitenlandse kentekens van ondernemers/directeuren-aandeelhouders

Zelfstandige ondernemers met een in het buitenland gevestigd bedrijf of directeuren-aandeelhouders van een buitenlands bedrijf kunnen vanaf 2007 gebruik maken van een ruimere BPM-vrijstelling. De voorwaarde dat de auto met buitenlands kenteken in Nederland alleen maar voor het woon-werkverkeer gebruikt mag worden, vervalt namelijk. Wel moet door middel van een kilometeradministratie worden aangetoond dat de auto voor ten minste 50% zakelijk in het buitenland wordt gebruikt.
De Nederlandse regering voorkomt hiermee een procedure die de Europese Commissie al gestart was wegens mogelijke strijd van de oude regeling met het Europese recht.


Bron: AUTOmotive DIDACT B.V.