22 mei 2012 2 files 3 flitsers
AMD - Automotive Fiscalisten
U bevindt zich hier: Home » Nieuwsarchief 2009 » Rechter keurt eenzijdige correctie BPM-aangifte af
Bookmark and Share

Rechter keurt eenzijdige correctie BPM-aangifte af

Mag de inspecteur eenzijdig de aangifte van BPM op ingevoerde auto’s corrigeren? De belastingrechter beantwoordt die vraag ontkennend.

Dit blijkt uit een uitspraak van Gerechtshof Den Bosch. Het ging daarbij om een in 2006 ingevoerde Volkswagen Phaeton, waarvoor een BPM-aangifte met een te betalen BPM-bedrag van ruim 15.000 euro was gedaan. De inspecteur corrigeerde deze aangifte echter eenzijdig en stelde het BPM-bedrag op bijna 24.000 euro.
Aan de BPM-betaling is echter ook de afgifte van het kenteken gekoppeld. Conclusie: de eigenaar van de auto zag zich wel genoodzaakt de 24.000 euro te betalen en in een bezwaar- en beroepsprocedure het verschil met de door hem berekende 15.000 terug te vragen.

Bij de rechter verdedigde de inspecteur zijn handelswijze met de toelichting dat deze ingegeven was door de fraudegevoeligheid van het wettelijke systeem invoer van gebruikte auto’s. Daarmee is zijn handelen echter nog niet goedgekeurd: de rechter stelt dat hij de aangifte niet eenzijdig had mogen corrigeren. Als de inspecteur het niet eens is met de aangifte, dient een naheffingsaanslag te volgen. Ook had de afgifte van een kenteken niet mogen worden geweigerd bij het achterwege laten van betaling van bedrag van de verhoging.

In juridisch jargon is daarom in dit geval sprake van een onverschuldigde betaling. Alleen via de officiële weg van een naheffingsaanslag had de inspecteur de discussie kunnen voeren over de hoogte van het bedrag. Inmiddels is daarover recent overigens bepaald dat bij invoer de handelsinkoopwaarde gehanteerd mag worden.