Fiscale maatregelen voor groen gas |
Door het verschijnen van voertuigen die volledig op biogas rijden, wordt de vraag actueel hoe deze brandstof fiscaal gestimuleerd wordt. Minister De Jager (Financiën) heeft inmiddels Kamervragen over het rijden op biogas/groen gas beantwoord. Biogas wordt op relatief beperkte schaal geproduceerd door vergisting van bijvoorbeeld mest, rioolslib en reststoffen, soms samen met vergisting met andere organische materialen zoals maïs, gerst en aardappelen. Wanneer biogas wordt bewerkt zodat het dezelfde kwaliteit krijgt als aardgas in het aardgasnet wordt gesproken van groen gas. Biogas/groen gas is een van de meest duurzame biobrandstoffen maar is relatief duur om te produceren. Biogas/groengas wordt fiscaal hetzelfde behandeld als aardgas. Voor aardgas in de vorm van CNG (Compressed Natural Gas) als motorbrandstof geldt een laag tarief in de energiebelasting (EB) van 3 cent per m3. Verder geldt een gunstiger behandeling dan voor dieselpersonenauto’s in de BPM en de MRB. Er geldt bijvoorbeeld in de MRB geen toeslag ter compensatie van lagere belasting op de brandstof zoals die wel geldt voor LPG- en dieselauto’s. De minister geeft verder aan dat stimulering van de toepassing van biobrandstoffen in het wegverkeer in Nederland primair gebeurt via een verplichtstelling. Voor leveranciers van benzine en diesel aan het wegverkeer geldt een verplichting om een deel hiervan te leveren als biobrandstof. Deze verplichtstelling is techniekneutraal aangezien de keuze voor het type biobrandstof wordt overgelaten aan de markt. Het verplichtingdeel bedraagt in 2010 4% (oplopend tot 10% in 2020). In de praktijk wordt nu aan de verplichting voldaan door een bepaald percentage biobrandstoffen toe te voegen aan de reguliere brandstoffen, bijvoorbeeld ethanol aan benzine en biodiesel aan diesel. Geleidelijk komen ook (meer) pure biobrandstoffen als E- 85 en andere vormen van hernieuwbare energie, zoals hernieuwbare elektriciteit, meer in beeld. Als groen gas in het verkeer wordt ingezet, hoeven er bij een gelijkblijvend verplichtingpercentage minder andere biobrandstoffen zoals bio-ethanol en biodiesel te worden toepast. Voor de vergelijking van de fiscale behandeling van biogas/groen gas met die van andere duurzame alternatieven zoals het rijden op andere biobrandstoffen, elektriciteit en waterstof zal de minister voor de zomer een brief aan de Tweede Kamer sturen met daarin een integraal overzicht van de behandeling van de verschillende brandstoffen in het verkeer. In deze brief zal ook aandacht worden besteed aan het aspect techniekneutraliteit. Wij houden u op de hoogte. |

