29 januari 2015 32 files
AMD - Automotive Fiscalisten
U bevindt zich hier: Home » Elektrische auto

Elektrische auto

Elektrische auto’s staan flink in de belangstelling. Het aanbod aan elektrische en plug-in hybride auto’s neemt toe, de actieradius wordt groter en het netwerk aan oplaadpunten breidt zich uit. Tijd om te kijken naar de huidige stand van fiscale regelingen voor de elektrische auto.

Allereerst de bijtelling. Bij een volledig elektrische auto wordt op het standaardbijtellingstarief van 25% van de cataloguswaarde, bij een eerste tenaamstelling tussen 1 januari 2014 en 31 december 2016, gedurende 60 maanden een korting verleend van 21 procentpunten. Het bijtellingspercentage is dan 4%.
Voor plug-in hybrides geldt bij eerste tenaamstelling in 2014 en 2015 een korting van 18 procentpunten, zodat het bijtellingspercentage dan 7% is. De CO2-uitstoot mag dan niet hoger zijn dan 50 gram/km. Als een auto in deze categorie in 2016 voor het eerst te naam wordt gesteld, is de bijtelling 15%.

Voor de investering in een elektrische auto geldt daarnaast de milieu-investeringsaftrek (MIA). De gewone investeringsaftrek, voluit kleinschaligheidsinvesteringsaftrek geheten, is per 2014 vervallen voor personenauto's.

De MIA is een extra aftrekpost die van de winst mag worden afgetrokken en is van toepassing indien een investering voorkomt op de zogenaamde milieulijst die jaarlijks door RVO (voorheen Agentschap NL) wordt gepubliceerd. Volledig elektrisch aangedreven voertuigen zijn onder de code G 3110 opgenomen in de Milieulijst 2015. De investeringen in deze bedrijfsmiddelen komen tot een investeringsbedrag van € 50.000 in aanmerking voor 36% MIA. Zogenoemde plugin-hybride personenauto’s zijn onder de codes D 3111 en E 3112 opgenomen in de Milieulijst 2015. De code D 3111 ziet op (benzine) plugin-hybride personenauto’s met een CO2-uitstoot van 1 tot en met 30 gram per kilometer. De MIA bedraagt dan 27% en geldt tot een investeringsbedrag van € 35.000. Onder code E 3112 valt de (benzine) plugin-hybride personenauto met een CO2-uitstoot van 31 tot en met 50 gram per kilometer. Deze investering komt tot maximaal € 12.500 in aanmerking voor 13,5% MIA.

Om voor de MIA in aanmerking te komen, moet de investering binnen 3 maanden bij RVO (NB: niet meer bij de belastingdienst) worden aangemeld.

Versnelde afschrijving op basis van de VAMIL-regeling is per 2014 niet meer mogelijk voor nieuwe investeringen in personenauto's.

Oplaadpunten staan eveneens op de milieulijst. Wel geldt er een ondergrens van € 2.500 voor deze investering.

Let bij het reserveren van een elektrische of plug-in hybride auto goed op de exacte inhoud van de overeenkomst. Als de reservering feitelijk het aangaan van de investeringsverplichtingen is,  begint de 3 maanden aanmeldingstermijn reeds bij het tekenen van de reservering.

Verder is qua investering van belang dat voor elektrische auto’s een nihiltarief BPM geldt. De elektrische auto kan dus zonder deze aanschafbelasting worden ingezet.

Voor de motorrijtuigenbelasting, ook wel wegenbelasting genoemd, geldt in 2015 eveneens een nihiltarief voor auto’s met een CO2-uitstoot van niet meer dan 50 gram/km. Per 2016 wordt dat nihiltarief beperkt tot de volledig elektrische auto. De plug-in hybride auto (t/m 50 gram/km) gaat dan naar een halftarief.

Voor de omzetbelasting (BTW) geldt vanaf 1 juli 2011 geen specifieke regeling meer voor elektrische auto’s. Bij privégebruik is de gewone hoofdregel van toepassing die er in de praktijk op neerkomt dat alle BTW aftrekbaar is en dat jaarlijks een heffing over privégebruik wordt toegepast. Die heffing kan plaatsvinden op basis van werkelijke kilometerverhoudingen (privékilometrage vs. totaal kilometrage) of op basis van een forfait ter grootte van 2,7% van de catalogusprijs.

Accijnzen zijn bij elektrische auto’s niet aan de orde. In plaats daarvan wordt een energiebelasting geheven per kWh. Vergelijking met traditionele brandstoffen levert op dat de belasting op elektriciteit, berekend per MegaJoule, slechts 56% bedraagt van die van normale loodvrije benzine. Of deze energiebelasting en de kosten van de elektriciteit ook daadwerkelijk betaald moeten worden, hangt uiteraard sterk af van de vraag waar de auto opgeladen wordt.

Naast al deze fiscale faciliteiten zijn ook lagere overheden soms bereid bij te dragen in de kosten. Informeer bij uw gemeente of provincie naar de regelingen.

 

(stand van fiscale wet- en regelgeving per 1 januari 2015)